
Laten we dus zonder schroom de troon van Gods genade naderen, waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden. Hebreeën 4:16 (NBV21)
NBV21
© 2021 Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap
Meer informatie over deze Bijbelvertaling
Barmhartigheid en genade – Hebreeën 4:16

De troon van genade is geen plek van oordeel,
maar van ontmoeting.
En langzaam wordt duidelijk:
je bent niet degene die God moet bereiken.
Hij is al dichterbij dan je angst.
God nodigt ons uit om zonder schroom tot Hem te komen.
Niet omdat wij alles op orde hebben,
maar omdat Zijn genade groter is dan onze onzekerheid.
Bij de troon van genade hoeft niets verborgen te blijven.
Je mag komen met:
je vragen die nog geen woorden hebben,
je dankbaarheid die soms stil blijft,
je zorgen die te zwaar voelen,
je verlangen dat je nog niet durft uit te spreken.
Wie Hem nadert, ontdekt telkens opnieuw Zijn barmhartigheid.
En misschien gebeurt hier iets onverwachts:
dat je niet eerst verandert om te kunnen komen,
maar dat je al komend verandert.
Met lege handen kom ik hier,
U kent mijn zorgen en verdriet.
Ik hoef mij niet te verbergen,
Uw genade draagt mij diep.
Zonder schroom mag ik U naderen,
tot de troon van Uw genade.
Daar vind ik barmhartigheid,
telkens als ik hulp nodig heb.
Wat houdt mij tegen om te komen?
Uw liefde roept mij dichterbij.
Wat houdt je tegen om te komen?
Misschien alleen nog dit:
dat je dacht dat je eerst anders moest zijn.
Maar Zijn liefde roept je precies daar waar je nu bent.
🌱 De kern
Je hoeft niet eerst anders te zijn om zonder schroom tot God te komen.

